Van watervrees tot waterrat

Als klein meisje hield ik van de zee. Met mn ouders naar de Waddeneilanden en het maakte niet uit of het koud was, waaide of dat de zon niet scheen: wij doken de zee in. Om daarna met bibberende beentjes achter een handdoekje weer de kleren aan te trekken en een poging doen niet gezandstraald te worden.

Maar toen kwam zwemles…. Ik vond het verschrikkelijk!
Diploma A was al een regelrechte ramp. Mn moeder kocht me om met beeldjes om me maar te motiveren. Het werd een kuikentje, een kip en na het afzwemmen kreeg ik de haan. Dat was de grootste en die werd al maanden voor mn neus gehouden. (als je je best doet en slaagt, krijg je deze. Tja, ze moest toch wat…)
In groep 4 kwam mijn vader, die onderwijzer was, erachter dat ik echt slecht hoorde. Een ritje naar de KNO-arts was snel gedaan en binnen no-time had ik buisjes in mn oren.
Vroeger (en nu klink ik echt oud) mocht er geen water in je oren komen als je buisjes had. Er werd zelfs door de arts gezegd (om mij bang te maken) dat als dat wel gebeurde, ik een waterhoofd zou krijgen…
Dus zwemmen, douchen, badderen, het werd allemaal een drama…!
Om tijdens het zwemmen het water uit mijn oren te houden moest het afgedekt worden. Hou je vast…: Vette watten, twee lappen leukoplast, daaroverheen een klodder vaseline en als kers op de taart: een badmuts…! En nu moet je bedenken dat ik vrij veel haar heb en het toen heel erg lang was. Sneu toch…

Jarenlang redde ik me zo in het zwembad. Maar ik werd ouder en had vanwege die buisjes nog steeds geen zwemdiploma B omdat ik met die watten niet onder water mocht (denk serieus dat als ik het gewild had, het me niet eens gelukt was) en je bij B toch echt ‘door het gat’ moest…

Maar gelukkig kwam er na jaren een einde aan de vette watten, leukoplast, vaseline en badmutsen. Ik kreeg dopjes….! Het was eigenlijk gewoon een bolletje ‘rubber’ wat ik in elke vorm kon kneden en die drukte ik dan in mn oren. Geniaal…! Ik kon weer zwemmen! Ik hoorde niks meer, maar ik kon wel zwemmen…
Nou zou je denken dat ik blij was. Nou, nee…
Na al die jaren ellende (ik was ondertussen al 3 keer geopereerd voor nieuwe buisjes en had nog steeds vaak oorontsteking) was de lol voor het zwemmen nog dieper gezonken dan ‘het diepe’…
Maar ja, ik ging van de lagere school af en ik had nog steeds geen zwemdiploma B. Dus toen ik 14 was, ging ik op zwemles voor diploma B.
Zie je het voor je? Een 14-jarige, verlegen puber tussen al die snotneuzen van 4, 5 en 6 jaar…
Ik kan me die haak nog zó goed herinneren. Ik bleef nl niet drijven op mn rug. Met die dopjes kon ik wel onderwater, maar ik vond het doodeng. Ook borstcrawl was een drama. Steeds met je oren onderwater. Nee, zwemmen was niet voor mij weggelegd en daarmee basta…!

Nu, ruim 20 jaar later, vind ik zwemmen heerlijk!
Zo’n 3 jaar terug was ik lichamelijk echt bagger. Dat was het al lang en is het nog steeds, maar ik kwam uit een turbulente tijd en ik wilde de boel weer op de rit krijgen.
Mijn fysio gaf duidelijk aan dat als ik door zou gaan zoals ik deed, ik gauw de gevolgen zou gaan merken. Ik moest een stap terug doen vwb werk (stress) en juist het sporten gaan uitbreiden.
Je raadt het al: Ik moest gaan zwemmen…
Dus ging ik zwemmen. Gewoon, rustig baantjes trekken, de schoolslag. Heen en weer en weer terug. Saaaaaai….
Maar iets anders dan de schoolslag kon ik niet. Totdat vriendinnetje Nicole eens met me mee ging. Zal ik jou eens de borstcrawl leren, zei ze. Nou dat leek me wel wat.
Al gauw kwam ik erachter dat ik, 20 jaar later, nog steeds panisch reageer op water in mijn oor dus de oordopjes werden snel weer aangeschaft.
Ze leerde me hoe ik mijn armen het beste het water in kon laten ‘glijden’, hoe en wanneer ik moest ademhalen en houding.

Met de tips in mn achterhoofd dook ik de volgende weken wekelijks het zwembad in om te oefenen. Na het eerste baantje (let wel, het is maar een 25 meter bad) kwam ik al hijgend en proestend aan de overkant. Hoe deden al die zwemmers dat? Waarom had ik geen lucht? Waarom vond ik dit zo zwaar? Ik had toch een goede conditie?
Al snel kwam ik erachter dat een hardlopers conditie niks te maken had met zwemmen. Het was zelfs totaal anders! (later kwam ik er ook achter dat de fietsconditie ook weer een heel ander verhaal was)

En zo trainde ik elke week. Steeds meer baantjes, steeds sneller. En weet je…? Ik begon het leuk te vinden!
Nu bijna 3 jaar later zwem ik wekelijks ruim een kilometer (40 baantjes), heb ik een 1/16e triathlon gedaan en geniet ik er elke keer als ik in het water lig. Ik ben even een uurtje gewichtloos, pijnloos en voel me soepel en slank. Ik glij door het water, ik voel me steeds sterker worden en ben trots op elk baantje wat ik zwem.

Vandaag ook verschrikkelijk gelachen. Ik was net begonnen met de eerste paar baantje toen er een oudere man in de baan naast mij begon. Ook hij deed de borstcrawl en de sporter in mij nam het even over. Ik ging harder zwemmen, wilde eerder aan de overkant zijn dan hem. Maar wat gebeurde er… Hij ging sneller! En niet zo’n beetje ook…!
Het gezonde verstand nam het over van de sporters mentaliteit en ik ging weer terug in mijn eigen tempo. Ik moest nl nog wel ruim 30 baantjes doen. Bij de laatste 2 baantjes kwam ik gelijk met hem op te liggen en zei een andere man tegen mij: ‘Doe je een wedstrijdje?’
Nou, ik gaf eerlijk aan hem toe dat dat onmogelijk voor mij was omdat hij veel te snel was. De man antwoordde: ‘Best knap he voor een man van 70…’
Lachend maakte ik mijn laatste 2 baantjes af en kwam tegelijk met de snelle man aan bij het trapje. Ik complimenteerde hem met zijn snelheid en leeftijd. Hij lacht en zegt dat het niet geheel eerlijk is. Hij was dan wel oud maar deed zn hele leven al aan waterpolo…!
Ha ha, we moesten er hard om lachen en hij complimenteerde mij met mijn rustige maar krachtige slag.
Ik kreeg nog wat tips en met een glimlach liep ik naar de kleedruimte.
Het was weer een fijne training…

0 reacties

Laat een antwoord achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*